13 juni 2025
Van militaire operaties en reddingsacties, tot het maken van adembenemende filmbeelden en foto’s, drones zijn niet meer weg te denken. De laatste twee decennia is er veel aandacht voor drones en de ontwikkelingen gaan razendsnel. Toch bestaan drones al veel langer, de eerste werd 175 jaar geleden ingezet door het Oostenrijkse leger.
We onderzochten de (militaire) geschiedenis van drones, of onbemande vliegtoestellen. Wiebe de Jager, oprichter van de website Dronewatch.nl en autoriteit op het gebied van drones, vult aan over de geschiedenis van de luchtvaartfotografie, die hand in hand gaat met de ontwikkeling van de drones.
De eerste drones, of eigenlijk onbemande vliegtoestellen, werden voor militaire doeleindenontwikkeld. In 1849 probeerde het Oostenrijkse legerluchtballonnen gevuld met bommen in te zetten om Venetië te bombarderen. Het experiment mislukte; door de harde wind misten de meeste ballonnen hun doel en een deel kwam zelfs terug naar de Oostenrijkse linie. Het duurde tot de Eerste Wereldoorlog tot er opnieuw werd geëxperimenteerd met onbemande toestellen. Dit keer door het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten met bijvoorbeeld de Ruston Proctor Aerial Target in 1916. De Aerial Target werd bestuurd met een rudimentaire versie van de radiobesturing die drones nu gebruiken. In 1918 werd de Kettering Bug uitgevonden, de voorloper van de kruisraket. Deze UAV’s (unmanned aerial vehicles) werden echter niet ingezet, met name omdat ze nog niet betrouwbaar genoeg waren.
“De geschiedenis van de luchtfotografie begint ook met de luchtballon,” vertelt De Jager. “Net zoals ze in Oostenrijk met ballonnen als bommenwerpers begonnen. De foto’s werden nog wel door een fotograaf gemaakt, dus onbemand waren deze ballonnen nog niet. In 1858maakte de Franse fotograaf en ballonvaarder Gaspar Felix Tournachon de eerste succesvolle luchtfoto’s vanuit een luchtballon boven Parijs. Hiervoor gebruikte hij een natte plaat camera met een zeer lange sluitertijd. De ballon moest dus heel stil hangen en daarom werd deze aan een touw verankerd. Naarmate camera’s kleiner werden ontstonden er ook andere manieren om luchtfoto’s te maken, bijvoorbeeld met vliegers. De eerste vliegerfoto werd in 1888 gemaakt door Arthur Batut in Labruguière. We onderzochten de (militaire) geschiedenis van drones, of onbemande vliegtoestellen. Wiebe de Jager, oprichter van de website Dronewatch.nl en autoriteit op het gebied van drones, vult aan over de geschiedenis van de luchtvaartfotografie, die hand in hand gaat met de ontwikkeling van de drones.
De technologie van de onbemande vliegtoestellen werd verder ontwikkeld in de Tweede Wereldoorlog en de Koude Oorlog, al werden ze nog gezien als onbetrouwbaar en dure moderne hebbedingen. Tijdens de Koude Oorlog gebruikten de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie drones voor spionage. De details hierover staan in rapporten die nog niet zijn vrijgegeven, dus veel weten we er niet van. Wat we wel weten is dat drones vanaf 1982 veelvuldig werden ingezet in de moderne oorlogvoering. Vanaf de jaren ’80 wordt er dan ook veel geld gestoken in onderzoek en ontwikkeling. De Jager voegt toe: “In de luchtfotografie zien we in deze tijd een opvallende ontwikkeling waarbij het idee van UAV’s wordt geïntroduceerd en gecombineerd met fotografie. In 1976 introduceerde de Britse firma Westland Aircraft de Westland Wisp. Het was een van de eerste pogingen om een op afstand bestuurbaar luchtvaartuig te ontwikkelen voor surveillance en fotografie. Dit pioniersproject trok veel aandacht, maar werd commercieel gezien geen succes. De Wisp woog 40 kg en werd aangedreven door een benzinemotor.” In de jaren ’60 en ’70 zien we ook de opkomst van radio-gestuurde modelvliegtuigen. De opkomst en de daarbij horende populariteit van de modelvliegtuigen zorgde voor een versnelling in de ontwikkeling van commerciële radio controlled technologie.
Aan het begin van de eenentwintigste eeuw werd duidelijk dat onbemande toestellen niet alleen ingezet kunnen worden voor militaire doeleinden of luchtfotografie. Orkaan Katrina richtte in 2005 enorme schade aan in New Orleans en de hulpdiensten hadden grote moeite met het vinden van mensen in nood. Toen werd besloten drones in te zetten en werden hulpbehoevenden en noodsituaties opgespoord vanuit de lucht.
“Met de opkomst van moderne drones zien we ook een belangrijke doorbraak voor de luchtfotografie. In 2013 hebben we het ‘iPhone-moment’ van de dronesector,” vertelt De Jager. “In dat jaar lanceerde DJI hun Phantom-serie. Deze drone was revolutionair, want hij was compact, relatief betaalbaar en werd vliegklaar geleverd. Het was de eerste drone waarje een GoPro-camera op kon monteren. Dit maakte luchtfotografie toegankelijk voor een grotere groep mensen, waardoor de populariteit enorm toenam.
De Phantom was een keerpunt, het stelde zowel professionals als hobbyisten in staat om verbluffende luchtopnamen te maken met een eenvoudig te bedienen en betaalbaar apparaat.”
“Dronebeelden zijn niet meer weg te denken uittv-programma’s, documentaires, films en zelfgemaakte YouTube-video’s," zegt De Jager. “Luchtfotografie kent nog veel meer toepassingen. In de landbouw helpen drones bijvoorbeeld bij het beheren van gewassen en het monitoren van de gezondheid van velden vanuit de lucht. Daarnaast worden drones ingezet bij de inspectie van infrastructuur, zoals bruggen en wegen. Hierdoor kunnen moeilijk bereikbare plaatsen op een veilige manier geïnspecteerd worden. Hulpdiensten zetten drones in om menigten te monitoren, vermiste personen op te sporen en overzicht te verkrijgen tijdens calamiteiten.” Waar de toekomst van drones naartoe gaat weten we niet precies, maar we zien wel een aantal interessante ontwikkelingen. Zo wordt er gewerkt aan een drone-taxi en aan drones die in kleine ruimtes met veel mensen erin kunnen vliegen. Ook dromen webshops ervan hun pakketjes bij op je stoep af te leveren met drones en worden er bij het leger van de Verenigde Staten al micro-drones gebruikt. “In de toekomst zullen we bij drones waarschijnlijk ook meer gebruikmaken van kunstmatige intelligentie,” veronderstelt De Jager. “Daardoor kunnen drones zelfstandig opereren. De nieuwste drones kunnen bijvoorbeeldal iets of iemand volgen terwijl ze actief obstakels ontwijken. Daarnaast kunnen we verwachten dat de beeldkwaliteit steeds beter wordt, net als de accucapaciteit.”